Paracetamol tijdens de zwangerschap: groot onderzoek bevestigt geen verband met neurologische ontwikkelingsstoornissen

5

Een uitgebreid overzicht van bestaand onderzoek heeft de beweringen dat paracetamolgebruik tijdens de zwangerschap het risico op autisme, ADHD of een verstandelijke beperking bij kinderen verhoogt definitief ontkracht. De studie, gepubliceerd in The Lancet Obstetrics, Gynecology and Women’s Health, analyseerde gegevens van meer dan een miljoen kinderen uit 43 eerdere onderzoeken, waardoor het de meest rigoureuze analyse tot nu toe is.

Trumps ongegronde beweringen en publieke angst

De bevindingen zijn lijnrecht in tegenspraak met de uitspraken van de voormalige Amerikaanse president Donald Trump vorig jaar, die ten onrechte beweerde dat paracetamol (in de VS bekend als Tylenol) schadelijk is voor zich ontwikkelende foetussen. Zijn opmerkingen veroorzaakten wijdverbreide ongerustheid onder zwangere vrouwen, aangezien paracetamol door medische autoriteiten wereldwijd de aanbevolen eerstelijnsbehandeling voor pijn en koorts tijdens de zwangerschap is. De nieuwe studie weerlegt deze beweringen categorisch, waarbij onderzoekers hopen dat het “een einde zal maken aan elk scepticisme” rond het gebruik ervan.

Belangrijkste bevindingen en wetenschappelijke nauwkeurigheid

Onder leiding van professor Asma Khalil van City, Universiteit van Londen onderzocht het onderzoeksteam de gezondheidsresultaten bij 262.852 kinderen die werden beoordeeld op autisme, 335.255 op ADHD en 406.681 op verstandelijke beperking. Uit de analyse bleek dat er geen statistisch significant verband bestaat tussen de blootstelling aan paracetamol van de moeder en deze neurologische ontwikkelingsstoornissen. De studie benadrukt dat genetische en familiale factoren veel waarschijnlijker een rol spelen bij dergelijke aandoeningen dan enig direct effect van de medicatie.

Context: waarom dit ertoe doet

De controverse rond het gebruik van paracetamol tijdens de zwangerschap benadrukt de gevaren van verkeerde informatie, vooral als het gaat om de volksgezondheid. De ongefundeerde beweringen van Trump dwongen gezondheidsfunctionarissen om te reageren en zwangere vrouwen gerust te stellen. Het vermijden van paracetamol wanneer dit medisch noodzakelijk is, brengt zijn eigen risico’s met zich mee, waaronder onbehandelde moederkoorts, wat een bekende bedreiging is voor zowel moeder als kind. Deze studie onderstreept dat evidence-based geneeskunde altijd moet prevaleren boven angstzaaien.

Beyond Paracetamol: onderliggende gezondheidsfactoren

De onderzoekers suggereren ook dat de reden waarom een vrouw vaak paracetamol gebruikt tijdens de zwangerschap belangrijker kan zijn dan het medicijn zelf. Langdurig gebruik duidt vaak op een onderliggende gezondheidstoestand die onafhankelijk de neurologische ontwikkelingsresultaten zou kunnen beïnvloeden. De nadruk moet liggen op de behandeling van de ziekte en tegelijkertijd op veilige pijn- of koortsbeheersing.

Deskundige reactie en publieke geruststelling

De Britse minister van Volksgezondheid Wes Streeting deed de beweringen van Trump af als ongegrond en drong er bij het publiek op aan ze volledig te negeren. Medische experts, waaronder professor Grainne McAlonan van King’s College London, hebben het onderzoek verwelkomd, in de hoop dat het eindelijk een einde zal maken aan de onnodige stress die aanstaande moeders ondervinden. Dr. Steven Kapp van de Universiteit van Portsmouth stelt dat de samenleving verder moet gaan dan het najagen van valse preventiemethoden en zich in plaats daarvan moet concentreren op het verbeteren van de ondersteuning van personen met een handicap.

Samenvattend levert dit nieuwe onderzoek definitief bewijs dat paracetamol veilig is voor gebruik tijdens de zwangerschap als het wordt ingenomen zoals voorgeschreven, en dat er geen geloofwaardig verband bestaat tussen het gebruik ervan en neurologische ontwikkelingsstoornissen bij kinderen. De bevindingen dienen als een cruciale correctie op schadelijke desinformatie en bevestigen opnieuw het belang van het vertrouwen op wetenschappelijk bewijs bij beslissingen in de gezondheidszorg.